Sinds 2007 is het in Nederland mogelijk bestuurders persoonlijk aansprakelijk te stellen. Waar eerst alleen de NMa of de AFM boetes konden opleggen, staat de mogelijkheid van het beboeten van een ‘feitelijk leidinggever’ van overtredingen inmiddels ook in de Algemene wet bestuursrecht. Dit betekent dat iedere gemeente boetes of dwangsommen kan opleggen aan een bestuurder zelf of op hem de kosten van herstel van de gevolgen van de overtreding kan verhalen.

Van Eck: “Als een bedrijf wordt aangesproken blijft de pijn op afstand, vooral bij bestuurders in loondienst. De overheid heeft daar een weg omheen gevonden. Persoonlijke gevolgen geven vaak een grotere aansporing de regels te volgen.”

Verzekering

Een bestuurder kan zich verzekeren tegen aansprakelijkheid. Zo’n verzekering sluit uiteraard gevallen van opzet en persoonlijke bevoordeling uit, maar ook aansprakelijkheid voor boetes, dwangsommen en milieuschades. “Verzekeraars zijn er nog niet helemaal uit hoe om te gaan met dit soort nieuwe risico’s.Het is niet gemakkelijk om hier een premie voor te bepalen. De vraag is ook of dat wel wenselijk is, want het gaat om zaken die te maken hebben met de openbare orde en goede zeden. De boete is juist bedoeld om pijn toe te brengen.”

Contractueel hebben sommige bestuurders vastgelegd dat het bedrijf de boete betaalt. Maar in het geval van een failliet bedrijf gaat die vlieger niet op. En niet alle organisaties kiezen daarvoor, aldus Leerink. “Aandeelhouders die ook bestuurder zijn zullen vaak wel beslissen zo’n boete te vergoeden, maar de raad van toezicht van een woningbouwcorporatie zou ervoor kunnen kiezen om de aansprakelijk gestelde directeur niet te vrijwaren. Dan kunnen ze zeggen dat er met de rest van de organisatie niets mis is.”

Het is handig om een deskundige met een netwerk te kiezen, want zo’n situatie heeft veel kanten.

Niet kunnen sturen

Wat gebeurt er allemaal als een bestuurder met een calamiteit te maken krijgt? “Een bestuurder die in een situatie zit waarin hij niet kan sturen, vindt dat natuurlijk erg frustrerend. Er komt heel veel op je af: politie, officier van justitie, gemeente, verzekeraar, pers. Het is alsof je met 140 op de snelweg rijdt, niet wetend of je links of rechts moet, gassen of remmen, terwijl je wel ziet dat je elk moment ergens op kan knallen.

Je hebt een expert nodig die zegt wat je kunt verwachten, welke gegevens je moet aanleveren, hoe het proces verder zal verlopen. Het is handig om een deskundige met een netwerk te kiezen, want zo’n situatie heeft veel kanten: bestuursrecht, strafrecht, civiele aansprakelijkheid, persmanagement.”

Vaak is in het begin ook niet duidelijk wat er is gebeurd of wie daar schuldig aan is. “Je krijgt bijvoorbeeld te maken met overheidsinstanties die zelf ook een belang hebben”, legt Van Eck uit. “Pers en publiek verlangen openheid van de overheid. Er is een stadion ingestort, maar er was toch een inspecteur langs geweest? Er is waterverontreiniging geconstateerd, maar het waterschap heeft toch zuiveringsinstallaties? Dus die overheid gaat echt niet meteen zeggen: het zou weleens aan ons kunnen liggen.”

Werk mee

Openheid vanuit het bedrijf kan in zo’n situatie meer opleveren dan menig bestuurder denkt. “Onlangs heb ik een zaak begeleid waarin mijn cliënt had besloten tot volledige openheid, een lokale journalist zat overal bij en mocht alles weten. De burgemeester riep tijdens de persconferentie: Er is geen gevaar voor de volksgezondheid. Nou ja, dan weet de burger dat hij onder de tafel moet gaan zitten. Wij wisten zeker dat er geen gevaar was, maar konden het ook uitleggen.”

"Daarom is het goed, strategisch en sturend, om mee te werken”

“Dat soort dingen zijn ook van belang voor je aandeelhouderswaarde en voor je positie in het proces. Als van jou het beeld ontstaat van een schurk die zijn mond houdt, gaat het hele proces van toezicht en handhaving daarna anders.

Je kunt ervan uitgaan dat de instanties alles zullen vinden wat er te vinden valt, want het betreft doorgaans traceerbare feiten. Houd je je mond, dan gaan ze alleen maar doorvragen. Zo’n onderzoek werkt stagnerend op de bedrijfsvoering, dus je wilt het zo snel mogelijk afgehandeld hebben. Daarom is het goed, strategisch en sturend, om mee te werken”, aldus Van Eck.

In the lead

Leerink benadrukt dat ook leiderschap in dit soort processen veel uitmaakt: “Om als bestuurder in the lead te zijn moet je calamiteiten voorbereiden: als er iets gebeurt, vertelt Piet ze alles over de boekhouding, Jan over de milieuaspecten en Henk staat de pers te woord. Je moet ook weten wie je gaat bellen. Dit geldt natuurlijk voor grote bedrijven, maar die hebben dit soort dingen meestal wel geregeld. Maar het geldt net zo goed voor kleine bedrijven. Die hebben vaak eindeloos gebouwd aan hun naam, en dan kan het met zo’n calamiteit allemaal misgaan.”