Arnold Scholten is directeur van PreventNed, een organisatie die zicht bezig houdt met het bevorderen van duurzame inzetbaarheid.

Proces

“Natuurlijk zijn er al organisaties volop mee bezig, maar voor de meesten is duurzame inzetbaarheid een rijpingsproces én moet men eerst voelen wat de impact is zonder aandacht voor dit thema. Er zijn drie belangrijke pijlers: workability, employability en gezondheid. Alle drie in samenhang even belangrijk, maar zelden tegelijk onder de aandacht van een organisatie.”

Scholten stelt dat gezondheid de afgelopen jaren het meest in de aandacht was, maar dat de focus zich nu verlegt naar workability. “Steeds meer organisaties richten zich op Human Capital; hoe haal je het beste uit je mensen en hoe zorg je ervoor dat zij gezond en met plezier (langer) aan het werk blijven.”

Beleidsvorming

Ook hier geldt: meten is weten. “Iemands werkvermogen bestaat uit fysieke en mentale factoren. Door dat te meten en in kaart te brengen, ontstaat er een beeld dat bruikbaar is in de beleidsvorming. Medewerkers dienen zelf aan de slag te gaan met de resultaten, want duurzame inzetbaarheid is een gedeelde verantwoordelijkheid.”

Passie

Scholten zegt dat er in de zorgsector wel voorbeelden zijn van implementatie van de drie genoemde pijlers, maar dat het lastig is om dat tegelijkertijd te doen. “We zien toch vaak dat organisaties één speerpunt per keer aandacht geven.”

Als het aan hem ligt, zetten organisaties duurzame inzetbaarheid niet alleen in voor productiviteitswinst, maar richten ze zich ook op de zachte factoren. “Zoek naar de passie van de medewerkers, toon betrokkenheid en geef vertrouwen. Fouten maken moet niet erg zijn. Dat kan al beginnen bij een afdeling, het hoeft niet meteen organisatie breed.”

Tip voor werkgevers:

“Zorg voor betrokkenheid, betrek de medewerkers bij de bedrijfsvoering en investeer in hen. Dat straalt direct uit naar anderen, de medewerkers worden de ambassadeurs van de organisatie.”