Een onderwerp dat, volgens hem, zowel de Afrikaanse leiders als de Afrikaanse burgers aangaat. De speech die hij gaf kun je hieronder teruglezen.

De transformatie van de Afrikaanse landbouw en visserij is een zeer cruciaal onderwerp voor het continent. Ik geloof dat de transformatie van de Afrikaanse landbouw de levens van tientallen, zo niet honderden, miljoenen mensen op ons continent zou moeten kunnen verbeteren. Het is namelijk algemeen bekend dat landbouw banen schept en dat twee derde van alle Afrikanen als boer of visser leeft.

Daarnaast is het bekend dat het verbeteren van landbouw betaalbare en betrouwbare levering van voedsel kan creëren. Tevens heeft dit een snellere, eerlijkere groei in de gehele supply chain waarvan boeren, toeleveranciers, transporteurs, verwerkers, en talloze andere betrokkenen profiteren. Je kunt je ongetwijfeld een voorstelling maken hoeveel extra banen dit genereert.

Ongelijkheid

Helaas heeft de verwaarlozing in deze sectoren de ongelijkheid op ons continent doen versnellen. Afrikaanse economieën mogen dan, met een gemiddelde inkomensstijging van een derde, snel zijn gegroeid, helaas geldt ditzelfde ook voor de armoede en ondervoeding.

Om een statistisch voorbeeld te geven: Afrika besteedt ongeveer US $ 35 miljard per jaar aan de invoer van levensmiddelen. Kunt u zich voorstellen als dit geld, of een substantieel deel hiervan naar Afrikaanse boeren en de vissersgemeenschappen zou gaan in plaats van buitenlandse bedrijven? Kunt u zich voorstellen welke impact dit zou hebben op het leven van de arme vrouwen die op onze boerderijen dag in dag uit moeten zwoegen, vaak met zeer weinig tot geen hulp van de overheid of de maatschappij.

Zolang wij het toestaan dat deze onderprestatie doorgaat, zal dit vergaande negatieve gevolgen voor ons continent hebben.

Onderprestatie

De onaanvaardbare realiteit is dat er te veel Afrikaanse boerderijen zijn die onder de maat presteren. De productiviteit ligt slechts op een fractie van hun potentieel. Deze onderprestatie heeft een negatieve invloed op Afrika’s voedselzekerheid. Afrika is goed voor een zesde van de wereldbevolking, maar toch zijn we verantwoordelijk voor een derde van de ondervoede wereldbevolking.

Zolang wij het toestaan dat deze onderprestatie doorgaat, zal dit vergaande negatieve gevolgen voor ons continent hebben. Afrika’s snel groeiende steden - en we praten over verstedelijking - zullen naar verwachting een groei van 60 procent van de bevolking in 2050 laten zien. Hoe gaan we hen voeden? Hoe gaat men overleven als we onze landbouw en leveringen aan de steden niet verbeteren? Zonder toegang tot betrouwbare voedselvoorzieningen, kan dit een speerpunt worden voor politieke en sociale instabiliteit.

Klimaatverandering

Naast deze uitdagingen verergert de klimaatverandering deze kwesties ook nog. In grote lijnen zijn oplossingen voor deze problemen bekend. Onze boeren moeten meer investeringen van overheden, bedrijven, waaronder multinationals voor het opzetten van marketing en financiële diensten zoals kredieten en verzekeringen krijgen. Daarnaast moeten ze toegang krijgen tot kwaliteitsinput zoals verbeterde zaden en meststoffen.

Publiek-private samenwerking zal de oplossing voor de landbouw van Afrika zijn. Maar om de continuïteit te waarborgen moeten deze partnerships voor beide partijen interessant zijn. Afrika’s productiviteit kan binnen vijf jaar gemakkelijk verdubbelen. Dit kan op zijn beurt de hongersnood drastisch doen verminderen en kan de landerijen tot zelfvoorzienende commerciële bedrijven en coöperaties laten groeien.

Moeten we buitenstaanders onze markt binnen laten treden?

Afrikaanse kleine boeren kunnen van samenwerkingen met grote commerciële agrobedrijven profiteren en tot een beter, meer duurzaam succes komen. Het zou geen kwestie van groot of klein moeten zijn. Ik ben me er van bewust dat het debat door gaat: Hebben we grote commerciële landbouwbedrijven nodig? Moeten we buitenstaanders onze markt binnen laten treden?

Onze uitdaging is dan ook om de politieke obstakels die boeren verhinderen bloeiende bedrijven te exploiteren te deblokkeren. De discussie van vandaag biedt een uitstekende gelegenheid om deze politieke obstakels en de manieren waarop wij, de burgermaatschappij, kunnen helpen deze obstakels te identificeren en te deblokkeren.

Suggesties van Kofi Annan

Ik zou graag een paar suggesties willen doen. Ten eerste moet de burgermaatschappij zowel de overheid als bedrijven verantwoordelijk houden. Daarnaast moeten zij zelf ook hun verantwoording nemen. Ik heb veel met de burgermaatschappij gewerkt en vandaag zie ik mijzelf als de burgermaatschappij. Dus we kunnen eerlijk communiceren.

Afrikaanse regeringen zetten zich al meer in voor investeringen in de landbouw dan een decennium geleden. In 2003 bijvoorbeeld zijn Afrikaanse leiders overeengekomen om ten minste tien procent van hun nationale begrotingen aan de landbouw toe te wijzen. Op de recente top van Malabo hebben de Afrikaanse leiders zich aangesloten bij een vernieuwde reeks doelstellingen.

We moeten niet vergeten dat de enige beloften die tellen, degene zijn die ook daadwerkelijk worden uitgevoerd. Alleen de beloftes waaraan men zich houdt zijn van waarde. We kijken hierom naar onze leiders. We zullen zien wat er van hun nieuwe beloften terecht komt. De landen die begonnen zijn hun investeringen te verhogen laten nu al indrukwekkende resultaten zien. Maar helaas moeten de meeste leiders nog aan hun verplichtingen voldoen.

De politieke fouten zijn de oorzaak van de hongersnood. En zoals het spreekwoord zegt; mensen die in een democratie leven en zich daaraan houden verhongeren, omdat de leiders op de hoogte zijn van de implicaties. Als ze verhongeren zijn ze namelijk niet langer in staat hun leiders en de regering te beschermen.

Ik verzoek u daarom dringend uw krachten en middelen te bundelen om zo de gewenste veranderingen waar te maken.

Politieke leiders van Afrika moeten verantwoordelijk gehouden worden en de burgergemeenschap heeft de belangrijke taak de verplichtingen om te zetten in acties. Een verenigde burgermaatschappij kan effectiever zijn en de overheid doen verplichten actie te ondernemen. Ik verzoek u daarom dringend uw krachten en middelen te bundelen om zo de gewenste veranderingen waar te maken.

Ten tweede moet de burgermaatschappij de creativiteit en het dynamisme van onze jonge ondernemers of ‘agropreneurs’ steunen. Velen van hen zijn vrouwen. De baanbrekende technologieën en benaderingen ontwikkeld door onze jonge mannen en vrouwen, kunnen binnen ons continent of zelfs wereldwijd worden uitgebreid.
 
Ten derde, de burgermaatschappij moet deze kwesties naar een mondiaal niveau tillen. Immers, de oogsten en de visserij van Afrika kan een aantal van ’s werelds meest urgente uitdagingen oplossen: het veiligstellen van voedselzekerheid voor een snel groeiende bevolking, het scheppen van banen voor miljoenen anderszins ontevreden jongeren in Afrika en elders. De rest van de wereld moet Afrika hierom helpen met de verwezenlijking van deze oplossingen.

Met twee derde van alle Afrikanen die vertrouwen op de landbouw en de visserij voor hun levensonderhoud, zullen Afrika’s unieke groene en blauwe revoluties van cruciaal belang zijn voor onze gezamenlijke toekomst.