Frans Bijvoet
Frans Bijvoet
Consul-Generaal

“Een ambassadeur zei eens: ‘we spreken dezelfde taal maar begrijpen elkaar niet’, en daar zit een kern van waarheid in. Hoewel de zuiderburen vlakbij zijn, verschilt de cultuur van de Belgen wel wat van de onze. En daar houden Nederlanders soms te weinig rekening mee”, stelt Bijvoet. Hij doelt hiermee onder meer op de nog heersende hiërarchie bij de zuiderburen.

Waar Nederlanders al gauw tutoyeren is dat daar vaak ondenkbaar. Belgen hebben meer tijd nodig om een zakenpartner te vertrouwen. “Het is dus af te raden om meteen de stalen op tafel te leggen bij een zakelijke ontmoeting. Niet voor niets heerst er in België een lunchcultuur, men neemt de tijd. Het is zinvol om je daar aan te houden. Wees wat hoffelijker.”

Bijvoet is in verschillende landen ambassadeur geweest en was al eerder werkzaam in Brussel. Zijn komst in Antwerpen voelde daardoor als thuiskomen. “België is een heerlijk land om in te wonen met een bourgondisch karakter.“

Ik denk dat Belgen ook wel eens met jaloezie kijken naar de Nederlanders die gehaaider en sneller zakendoen.

Handelspartner

Het land is de tweede handelspartner van Nederland, dat op zijn beurt maar liefst voor vijftig miljard naar de zuiderburen exporteert. “Hoewel opkomende markten een grote rol spelen is België een belangrijke handelspartner voor ons in sectoren zoals chemie en voeding. Voor een groot deel van het Nederlandse bedrijfsleven is het de eerste markt waarop het zich begeeft. Van daaruit kan België fungeren als springplank naar het zuiden, naar Frankrijk.”

Het consulaat en de ambassade ondersteunen ondernemers onder meer met behulp van handelsvragen, seminars, netwerk- en matchmaking evenementen. Ook de Kamer van Koophandel draagt hierin bij met informatie over ondernemen in België. Bijvoet merkt op dat de relatie tussen de landen gaandeweg beter wordt.

“De banden zijn na het sluiten van een aantal gevoelige dossiers – over de Hedwigepolder en de Westerschelde - weer aangehaald. Ik denk dat Belgen ook wel eens met jaloezie kijken naar de Nederlanders die gehaaider en sneller zakendoen, terwijl bij hen soms de Calimero-gedachte leeft.”

Samenwerken

Ook, zo vervolgt Bijvoet, dienen ondernemers te weten dat zaken op het gebied van wet- en regelgeving wat meer tijd in beslag nemen. “De één-loketgedachte doet hier nog geen opgeld en met name de belastingwetgeving is nogal ingewikkeld. De Nederlander moet zich realiseren dat er verschillen zijn tussen de gewesten Vlaanderen, Brussel en Wallonië. Voorlichting vooraf is dus aan te raden, net zoals een goede accountant met kennis van zaken.”

Bijvoet pleit ervoor dat beide landen meer samen optrekken. Aan beide kanten wordt nog te veel in concurrentie gedacht, zoals het praktijkvoorbeeld van de Rotterdamse en Antwerpse haven laat zien. “Die kunnen veel meer samenwerken om verbindingen naar het achterland te verbeteren, met name bij de lading van megaschepen. We moeten af van dat concurrentie-aspect. We liggen immers vlakbij elkaar.”